Wat is een overactieve blaas?

Een zogenaamde 'overactieve blaas' komt veel voor, wereldwijd hebben miljoenen vrouwen er last van. Hoewel het idee heerst dat dit vooral oudere vrouwen treft, hebben ook jonge vrouwen er vaak last van! Uit studies blijkt dat 9-43% (1) van alle vrouwen symptomen heeft van een overactieve blaas. Waarschijnlijk zijn het er nog meer, want veel mensen komen er niet voor uit omdat ze zich schamen.

Wat zijn de symptomen van een overactieve blaas?

Een overactieve blaas kenmerkt zich door de volgende symptomen:

  • een duidelijke en moeilijk te negeren 'aandrang' (gevoel dat je moet plassen), met of zonder urineverlies
  • vaker moeten plassen dan normaal, meer dan 2 keer per nacht eruit moeten om te plassen, en er is geen infectie of andere medische oorzaak van deze symptomen
overactive bladder

Waar wordt een overactieve blaas door veroorzaakt?

De symptomen van een overactieve blaas (vaak en nodig moeten plassen) kunnen tijdelijk zijn of een medische oorzaak hebben, zoals een blaasontsteking, urineweginfectie of nierstenen. Ook hormoonschommelingen, zenuwproblemen of medische aandoeningen kunnen een rol spelen.

Meestal zijn ze echter te wijten aan ons gedrag of leefpatroon, en vaak weten we niet eens dat wat we doen bijdraagt aan het feit dat we vaak of nodig naar de wc moeten of urine verliezen. Als we bijvoorbeeld veel cafeïnehoudende drankjes of alcohol drinken of juist te weinig drinken, kan dit tot symptomen leiden. Het kan echter moeilijk zijn om een specifieke oorzaak aan te wijzen voor deze symptomen. Meestal is er sprake van een combinatie van factoren, en bekkenbodemproblemen kunnen er daar één van zijn!

Hoe ontstaat een overactieve blaas?

De blaas werkt als een ballon en is omgeven door een spier, de detrusor. Als de detrusor ontspannen is, kan de blaas vollopen met urine. Wanneer de blaas vol is en moet worden geleegd, spant de detrusor zich aan om de urine naar buiten te drukken. Binnen in de detrusor bevinden zich speciale zenuwen die voelen wanneer de blaas volloopt. Dan rekken ze uit en sturen ze een aandrangsignaal naar de hersenen. Daardoor weten we dat we moeten plassen!

In het geval van een overactieve blaas begint de detrusor zich soms op het verkeerde moment aan te spannen en urine uit de blaas te persen. Meestal is de blaas dan nog niet helemaal vol (2). Vaak worden we erdoor verrast en zijn we te laat voor de wc.


Hoe kun je een overactieve blaas kalmeren?


Met de juiste behandeling kunnen de symptomen van een overactieve blaas worden verholpen. Eerst moet worden onderzocht of er geen infectie of andere medische oorzaak achter zit. Daarna bestaat de behandeling uit blaastraining, soms medicijnen, en verandering van leefgewoonten (3,4). Bekkenbodemtherapie kan heel goed werken bij een overactieve blaas: hierbij worden de bekkenbodemspieren behandeld, die deels verantwoordelijk kunnen zijn voor het vaak en nodig plassen en het urineverlies. Soms kunnen versterkende oefeningen, zoals Kegels, helpen. En soms moeten de spieren leren ontspannen en goed leren functioneren om de blaas en een normale urinelozing te ondersteunen.

Een behandeling zonder medicijnen (zoals bekkenbodemtherapie) blijkt op lange termijn even effectief als het gebruik van medicijnen (5). Het veranderen van leefgewoonten is moeilijk, maar heeft vaak veel effect. In vergelijking met medicijnen is bekkenbodemtherapie doeltreffend en conservatief, zonder bijwerkingen.


Wat zijn de beste bekkenbodem-/kegeloefeningen voor een overactieve blaas?


Net als onze andere spieren moeten de bekkenbodemspieren sterk zijn en over voldoende uithoudingsvermogen en coördinatie beschikken. Om de blaas te ondersteunen en urineverlies tegen te gaan, moeten ze zowel snel als langzaam kunnen aanspannen. De spieren moeten genoeg uithoudingsvermogen hebben om urine gedurende langere tijd op te kunnen houden, bijvoorbeeld terwijl we naar de wc lopen of aan het werk zijn. Er zijn speciale Kegeloefeningen om zowel de snelle als de langzame vezels van de bekkenbodemspieren te trainen (6). Bij een overactieve blaas moet de bekkenbodem ontspannen zijn en voldoende kracht, uithoudingsvermogen en controle hebben om de blaas ontspannen te houden terwijl deze volloopt. Ook wanneer onze hersenen een signaal krijgen dat we moeten plassen (aandrang), moeten ze ervoor zorgen dat de urine in de blaas blijft.

Hoe train je de langzame spiervezels van de bekkenbodem?

Als je de langzame spiervezels van de bekkenbodem traint, werk je aan het uithoudingsvermogen van de spier. Dat betekent dat de spier zijn werk lange tijd kan volhouden. Er zijn onderzoeken die onderschrijven dat het trainen van de bekkenbodemspieren de symptomen van een overactieve blaas kan verminderen en de kwaliteit van leven van vrouwen met deze klachten kan verbeteren (8). Om een overactieve blaas doeltreffend te behandelen, moet het grootste deel van het trainingsprogramma bestaan uit bekkenbodemtraining.

Perifit biedt een programma dat speciaal is ontwikkeld om de symptomen van een overactieve blaas tegen te gaan. Dit programma richt zich op de langzame spiervezels van de bekkenbodem en helpt het uithoudingsvermogen te verbeteren. Het is belangrijk dat de spieren op dezelfde manier worden getraind als andere spieren: door de belasting en aanspanningsduur steeds een beetje uit te breiden (9). Even belangrijk is het dat de spieren na elke contractie volledig ontspannen. Het ontspannen is van even groot belang als het aanspannen, en met Perifit kun je er zeker van zijn dat je je spieren correct traint.

Eén advies: let goed op dat je je bekkenbodemspieren niet overtraint. Het is niet de bedoeling dat ze zo vermoeid raken dat ze hun werk niet meer kunnen doen! Dit gespecialiseerde trainingsprogramma kan helpen bij een overactieve blaas. Het is altijd verstandig om met je (huis)arts of bekkenbodemtherapeut te overleggen als je programma's van Perifit wilt opnemen in je behandelprogramma.

Artikel geschreven door
Marcy Crouch, bekkenbodemtherapeut
en deskundige op het gebied van vrouwengezondheid
Bedenker en oprichter van The DT Method™️: The Standard for Birth Prep & PostPartum Recovery
@thedowntheredoc

 

Train Pay Progress Perifit

SHOP PERIFIT

Lees meer over de voordelen van Perifit:

Bronnen:

1 Corcos, J., Przydacz, M., Campeau, L., Witten, J., Hickling, D., Honeine, C., . . . Wagg, A. (2017). CUA guideline on adult overactive bladder. In Can Urol Assoc J (Vol. 11, pp. E142-173)

2 Srikrishna S, Robinson D, Cardozo L, Vella M. Management of overactive bladder syndrome. Postgraduate medical journal. 832007. p. 481-6.

3 Wolz-Beck, M., Reisenauer, C., Kolenic, G. E., Hahn, S., Brucker, S. Y., & Huebner, M. (2017). Physiotherapy and behavior therapy for the treatment of overactive bladder syndrome: a prospective cohort study. Arch Gynecol Obstet, 295(5), 1211-1217. doi:10.1007/s00404-017-4357-1

4 Barkin, J., Habert, J., Wong, A., & Lee, L. Y. T. (2017). The practical update for family physicians in the diagnosis and management of overactive bladder and lower urinary tract symptoms. Can J Urol, 24(5s1), 1-11.

5 Azuri, J., Kafri, R., Ziv-Baran, T., & Stav, K. (2017). Outcomes of different protocols of pelvic floor physical therapy and anti-cholinergics in women with wet over-active bladder: A 4-year follow-up. Neurourol Urodyn, 36(3), 755-758. doi:10.1002/nau.23016

6 Powers S, Howley E. Exercise Physiology: Theory and application to fitness and performance. 6th ed. New York, NY: McGraw Hill; 2007.

7 Kegel exercises: A how-to guide for women. (2018). Afkomstig uit https://www.mayoclinic.org/healthy-lifestyle/womens-health/in-depth/kegel-exercises/art-20045283

8 Fitz, F., Sartori, M., Girao, M. J., & Castro, R. (2017). Pelvic floor muscle training for overactive bladder symptoms - A prospective study. Rev Assoc Med Bras (1992), 63(12), 1032-1038. doi:10.1590/1806-9282.63.12.1032

9 Powers S, Howley E. Exercise Physiology: Theory and application to fitness and performance. 6th ed. New York, NY: McGraw Hill; 2007.